Enquête “Kwaliteit”, deel drie: kwaliteit eindproduct en meetkunde

Eerder dit jaar hield ik een enquête onder Nederlandse brouwers over ‘kwaliteit’. Een samenvattend artikel verscheen in het recente nummer van Brouw! Magazine (je kunt hier een abonnement nemen op dit kwartaalblad). Voor wie het artikel eens rustig wil lezen publiceer ik het de komende dagen in een drieluik op dit blog, voorzien van extra grafieken en uitkomsten. Vandaag: hoe doen Nederlandse brouwers onderzoek naar de kwaliteit van hun bier, en hoe zien hij hun collega’s? Eerder verschenen al ‘kengetallen’ en ‘de hygiënecode’.
De Nederlandse brouwers vormen een diverse gemeenschap, variërend van eenpitters tot multinationals. De respondenten komen uit alle geledingen en geven – zeker gezien het responspercentage van 27% – daarmee een goed beeld van wie ‘de’ Nederlandse brouwer is en hoe deze naar kwaliteit kijkt.

Kwaliteit van eindproduct
Het bier dat de consument bereikt moet van goede kwaliteit zijn, daarover is iedereen het eens. Daarom wekt het verbazing dat ruim een derde van de respondenten zegt nooit sensorische tests op het eigen product uit te voeren – niet voordat, en niet nadat het bier op de markt is gebracht.

Voert uw brouwerij reguliere sensorische tests uit op het gebrouwen bier?

Het verbaast dan niet dat een derde zegt geen stalen apart te houden van geleverde producten:

Houdt uw brouwerij stalen van het geproduceerde bier apart om sensorische tests uit te voeren nadat het op de markt is gebracht?

Maar zorgelijk is dat wel, zeker gezien het feit dat slechts een derde van de respondenten zegt nog nooit een partij (verpakt) bier te hebben afgekeurd en vernietigd.

Heeft uw brouwerij wel eens een partij verpakt bier afgekeurd vanwege kwaliteitsproblemen?

Er kan zoveel misgaan bij de bierbereiding dat kwaliteitscontrole een heldere verplichting is. Duidelijk is dat veel brouwers hierbij nog een tandje moeten bijschakelen.

Meten is weten
In Amerika is het gebruikelijk dat een brouwerij over een eigen laboratorium beschikt waarmee basale kwaliteitsmetingen kunnen worden gedaan. Veel brouwerijen hebben hiervoor zelfs speciaal opgeleide mensen in dienst. Ook de Brewers Association heeft het tot prioriteit gemaakt: zij heeft twee “Quality Ambassadors” in dienst die haar leden met raad en daad bijstaan.

Beschikt uw brouwerij over een eigen laboratorium voor het uitvoeren van (basale) tests van door u geproduceerd bier?

Het hebben van een laboratorium is in Nederland nog allesbehalve ingeburgerd…

Beschikt uw brouwerij over een eigen laboratorium voor het uitvoeren van (uitgebreide) tests van door u geproduceerd bier?

Tweederde van de respondenten zegt niet over een labo te beschikken. Slechts 12% van de respondenten beschikt over een eigen laboratorium waarmee meer dan alleen basale metingen kunnen worden verricht.
Het hebben van een laboratorium is een ding, het hebben van mensen die weten wat ze daarmee moeten doen is weer een ander ding. Slechts dertig procent van de respondenten heeft speciaal opgeleid personeel in dienst om met het laboratorium te werken – schrikbarend weinig. Waarom dat zo schrikbarend is wordt snel duidelijk.

Heeft uw brouwerij speciaal opgeleid personeel om de tests uit te voeren?

Dat een kleine brouwerij niet over een eigen lab beschikt, of speciaal opgeleid personeel, is tot daar aan toe – als er dan maar iemand op de kwaliteit let. En hier is misschien wel de grootste schrik van dit onderzoek: 60 procent van de brouwerijen maakt geen gebruik van een extern laboratorium om zelfs maar de meest basale tests uit te voeren.

Maakt uw brouwerij gebruik van een extern laboratorium om tests uit te voeren?

Zelfs als we dit cijfer corrigeren met diegenen die wel een eigen lab hebben wil dat zeggen dat minimaal 20% van de brouwerijen helemaal geen onderzoek doet naar de kwaliteit van het geproduceerde bier. En dat cijfer is de meest optimistische schatting: aannemelijk is dat minstens een derde van de Nederlandse brouwerijen nooit onderzoek doet naar de basale kwaliteit van hun product

Het aloude adagium ‘meten is weten’ wordt, boud gesteld, door veel Nederlandse brouwers blijmoedig in de wind geslagen. Schokkend gezien het feit dat ze daarmee de wet overtreden. Schokkend omdat ze daarmee blijk geven van gebrek aan respect voor hun eigen product en hun klanten?

Prikkelend
De meest prikkelende uitkomst van de enquête is het gegeven dat 63% van de respondenten vindt dat zij momenteel genoeg doet aan kwaliteitscontrole, in de breedste zin des woords.

Vindt u dat uw brouwerij momenteel genoeg doet aan kwaliteitscontrole, in de breedste zin des woords?

Prikkelend, want maar liefst 76% antwoord ‘nee’ op de vraag of men vindt dat de collega-brouwerijen momenteel genoeg doen aan kwaliteitscontrole, in de breedste zin des woords.

Vindt u dat uw collega-brouwerijen momenteel genoeg doen aan kwaliteitscontrole, in de breedste zin des woords?

Samenvatting
Er valt nog veel te winnen in Nederland Bierland. Ik ben ervan overtuigd dat elke Nederlandse brouwer te goeder trouw is en gepassioneerd voor haar of zijn product. Juist dan is het toch schokkend te zien hoe fors een groot deel van die gepassioneerde liefhebbers tekort schieten. Zelfs op het meest basale niveau laat men steken vallen.
Natuurlijk wordt de soep niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend. Rond 95% van het in Nederland geproduceerde biervolume komt uit brouwerijen die een meer dan deugdelijk voedselveiligheidssysteem hebben – Heineken, Bavaria, Jopen, Oedipus, Noordt en Grolsch, om er maar een paar te noemen. En echt schadelijk voor de gezondheid zal een bier niet gauw zijn, hygiënecode of niet.

Maar van de overgrote meerderheid van de kleinschalige, ambachtelijke brouwerijen moeten we vrezen dat ze niet voldoen aan de basisvoorwaarden voor een kwalitatief acceptabele en hygiënische bedrijfsvoering. Ook het testen van het eigen product laat te wensen over, en dat roept weer allerlei vragen op over het vermogen een partij bier te kunnen identificeren (en terughalen) als er eens echt iets aan de hand is. Er valt nog een hoop te winnen in Nederland Bierland. Laten we dat dan ook maar eens gaan doen: winnen!

No Comments Yet.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.